Blogt
‘Zeg, jij wilde toch niet meer fulltime achter een computer?’, vroeg een vriendin me laatst.
‘Oh, maar dat doe ik ook niet hoor!’, antwoordde ik.
Als tegenhanger voor het vele schermwerk doe ik vrijwilligerswerk in een bos waar de letterzetter hevig heeft huisgehouden. Da’s een houtkevertje dat letterlijk onder de huid van zijn gastheer kruipt. Hele moordverhalen schrijft-ie daar. De schors laat los en de boom gaat dood. Bruut zijn ze. Workaholics ook. Efficiënt, volhardend en in ijzige stilte werken ze door tot het hele bos levend gevild is. Heel sneu, maar ja, de natuur hè.
En zoals Johan zei: ‘Elk nadeel heb ze voordeel!’, want ik word er diep gelukkig van. Terwijl mijn collega’s met kettingzagen rondzwaaien en alle dooie bomen tegen de vlakte gaan, rijd ik joelend rond op een klein, rood trekkertje - Benniebang heet-ie - om de stammen te verzamelen die tot planken gezaagd worden. Ik slinger ze aan de ketting en rijd ermee naar de verzamelplaats. Nooit meer dan drie tegelijk, anders gaat Benniebang steigeren. Dat kondigt-ie altijd netjes aan met rooksignalen. Kuch.
Bomen stapelen is een verhaal apart. Dat gaat achterwaarts. In den beginne was het klooien geblazen. Stuiterende stammen en zweet in de bilnaad. Maar ik word steeds handiger en zodra je het in de vingers krijgt, wordt het leuk.
Tekstschrijven heb ik aardig in de vingers. Posten of naar de opdrachtgever verzenden geeft altijd zweet in de bilnaad. Soms bang, maar altijd moedig, doe ik het toch...